Tabaksverkoop voor sommige supermarkten levensader

Het CDA en de Christenunie komen vandaag met een wetsvoorstel voor een versnelde afbouw van verkoop van tabak in supermarkten.

Lidl kondigde als eerste supermarktketen aan om per 2022 volledig te stoppen met verkoop van tabak. Een meerderheid van de tweede kamer vindt nu dat er afspraken moeten worden gemaakt met de moederbedrijven van supermarkten om de tabaksverkoop integraal naar nul te krijgen.

Dit is geen nieuw geluid. Lidl kondigde eerder al aan te stoppen met tabaksverkoop in al haar winkels. Dat Lidl eerder al aankondigde de tabaksverkoop te stoppen is vanuit bedrijfseconomisch perspectief wel te begrijpen. Hiermee wordt immers tegemoet gekomen aan een maatschappelijke trend, terwijl er tegelijkertijd bekend is dat het aandeel van tabak in de omzet van Lidl zeer beperkt is. De impact is voor Lidl dus zeer beperkt.

Niet voor alle supermarktketens geldt echter dat het zo eenvoudig is om afstand te doen van de tabaksverkoop. Zo zijn er winkels waarbij tabak goed is voor ruim 20% van de totale omzet. Voor deze winkels is een verkoopstop van tabak een forse aanslag op het verdienmodel en in sommige gevallen kan dit zelfs leiden tot het moeten staken van de exploitatie.

De verschillen van het belang van tabak voor de omzet van verschillende type supermarkten is groot. Voor supermarkten met een gemiddelde weekomzet van minder dan € 50.000,- blijkt gemiddeld ruim 13% van de totale verkopen vanuit Tabak te komen. Voor supermarkten met een gemiddelde weekomzet van meer dan € 250.000,- is dit nog maar een ruime 3,5%.

Kort beschouwd zou een integrale maatregel op tabaksverkoop voor ketens als Albert Heijn en Jumbo, met relatief grote winkels een beperkt gevolg hebben voor de omzet en tevens rendementen van deze winkels. Voor ketens met wat kleinere winkels zoals Spar en Coop is het effect echter aanzienlijk groter. Het verdienmodel van deze kleinere winkels kan serieus onder druk komen te staan wanneer verplicht gestopt zou moeten worden met de verkoop van tabak. Juist de winkels van deze ketens zitten vaker in de kleinere dorpen waar het voorzieningenniveau al sterk onder druk staat.

Desalniettemin geldt voor alle supermarkten dat met een verbod op tabaksverkoop een deel van hun verdienpotentieel wordt aangepast. De vraag is in hoeverre supermarkten dit zelfstandig op kunnen of willen vangen. Gevolg zou kunnen zijn dat de prijs op andere producten zal stijgen.

Bovenstaande is op zichzelf overigens geen reden om geen stappen te zetten op het beperken van de tabaksverkopen. Echter is het wel belangrijk dat politici in hun beleid rekening houden met de diversiteit aan gevolgen en specifiek de sterke negatieve druk op het verdienmodel van kleinere supermarkten als gevolg van deze stappen. In de concurrentie met de grotere ketens zal dit voor hen immers weer extra druk betekenen.

Tot slot zien we tegenwoordig een groei van zogenaamde combinatie winkels. Hierbij wordt bijvoorbeeld een deel van de ruimte van de supermarkt ingevuld met een ander winkelconcept zoals Primera of Read shop. In deze gevallen zou de tabaksverkoop van de supermarkt naar alle waarschijnlijkheid eenvoudigweg verschuiven naar de combi winkel.

Tabaksaandelen over verschillende omzet categorieën

Gemiddelde weekomzet

Omzetaandeel Tabak

Categorie A: <€50.000

13,3%

Categorie B: €50.000-€150.000

6,8%

Categorie C: €150.000-€250.000

4,1%

Categorie D: >€250.000

3,6%

Bron: Marshoek Benchmark 2018 (266 supermarkten)


[Dit onderdeel is niet meer ondersteund]